prent010

Archeologische opgravingen hebben aangetoond dat het Vrijthof al vanaf de laat-Romeinse tijd, en vooral in de vroege middeleeuweneen belangrijke begraafplaats is geweest. In 1970 en 1971 werden hier tal van Merovingische graven gevonden met zeer veel bijgaven, waarvan de resultaten nog maar deels gepubliceerd zijn.[1] De aanleg van een nieuwe toegang tot de Vrijthofgarage aan de noordzijde van het plein in 2003, bracht de restanten van zeker vijf Romeinse wegen aan het licht, waarvan de oudste omstreeks het jaar 0 gedateerd kon worden.

De naam van het Maastrichtse plein is wellicht op een vergelijkbare wijze ontstaan als bij enkele andere vrijthoven in de Nederlanden. De oudste vermelding van het Vrijthof dateert uit 1223, toen keizer Frederik II het gebied schonk aan het kapittel van Sint-Servaas. Niet het hele plein was eigendom van het kapittel. Het deel van het Vrijthof dat tot de immuniteit van het rijksvrijekapittel behoorde, bestond uit de west- en zuidzijde van het plein, met onder andere de kapittelkerk van Sint-Servaas, deparochiekerk van Sint-Jan, het Sint-Servaas- en Sint-Jacobsgasthuis, en diverse kanunnikenhuizen. De beide gasthuizen zorgden voor de opvang van de vele pelgrims, waaronder ook zieken, die naar het graf van Sint-Servaas kwamen. De huidige Sint-Janskerk ontstond in de 12e of 13e eeuw, toen het kapittel behoefte had aan een aparte parochiekerk, naast de bestaande kapittel- en pelgrimskerk. Zo ontstond de Maastrichtse 'kerkentweeling'.

Joomla Modules